- storen
- {{storen}}{{/term}}1 [afleiden] disturb ⇒ 〈zich opdringen〉 intrude, 〈onderbreken〉 interrupt, 〈onovergankelijk werkwoord ook; zich ergens mee bemoeien; radio〉 interfere2 [geven om] take notice (of) ⇒ mind♦voorbeelden:1 de lijn is gestoord • there is a breakdown on the linede Duitsers bleven de BBC storen • the Germans kept jamming the BBCstorend werken • be a distraction, be distractinghier kunnen we niet gestoord worden • no one will disturb us herestoort het u als ik rook? • do you mind if I smoke?stoor ik u? • am I in your way?; 〈bij binnenkomen〉 am I interrupting (you)/intruding?niet storen! • do not disturb!iemand in zijn werk storen • disturb someone at his workiemand in zijn slaap storen • disturb someone in his sleep2 zij stoorde er zich niet aan • she took no notice of itzich aan niets of niemand storen • be a law unto oneselfzonder zich te storen aan • without regard forstoor u niet aan die praatjes • don't listen to that gossiphij stoorde zich niet aan de waarschuwing • he ignored the warningga rustig tv kijken, stoor je niet aan mij • go ahead and watch TV, don't mind me
Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels. 2015.